Mauritanië

10 – 14 oktober 2009 Mauritanië… unheimisch & anstrengend… !
Vandaag is het 10 oktober 2009. We vertrekken vroeg, want we bereiken vandaag de grens met Mauritanië. Gelukkig is de weg vandaag de dag geasfalteerd, dus kunnen wij met 100 km per uur doorrijden. Hoeveel overlanders hebben deze tocht niet via de piste en in konvooi gedaan: dat is pas een lange (maar wel een avontuurlijke) tocht! Ondanks het feit dat we onderweg niemand tegen kwamen, is het redelijk druk aan de (Marrokaanse kant van de) grens. We klokken: het is kwart voor twaalf. We parkeren de auto, vullen twee papiertjes in en lopen naar een kantoortje waar we onze paspoorten afgeven. Daarna moeten we naar buiten… voor de dranghekken wachten tot onze namen worden afgeroepen. Als we onze paspoorten terug krijgen, loop ik door naar de douane om mijn autopapieren af te stempelen: een fluitje van een cent. Ook de controle van de auto verloopt voorspoedig: we hebben geen drugs en geen wapens bij ons… alleen vuile onderbroeken… en dus gaan de deuren snel weer dicht! Nu over de piste naar de grens van Mauritanië. Een makkelijke maar oncomfortabele rit, gezien onze bandenspanning is afgestemd op een rit over asfalt. Aan alle kanten zien we ‘dode auto’s’… alles om ons heen is blik!

Voor de slagboom van de grens van Mauritanië is het een chaos met auto’s en vrachtwagens. We manoeuvreren ons een mooie positie vooraan, maar worden door een norse militair al snel terug gestuurd in ‘Niemandsland’ om weer achter in de rij aan te sluiten. Eenmaal binnen begint het ‘grensproject’. Eerst naar de persoonsregistratie (bij de politie), dan naar de douane voor de formaliteiten rondom de auto (afstempelen carnet) en daarna nog naar het assurantiekantoor voor het kopen van een autoverzekering. Eigenlijk loopt het allemaal heel voorspoedig… maar het kost veel tijd en dat op ‘het heetste moment van de dag’. Ronald is in de auto blijven zitten en krijgt bezoek van tientallen mannen die ons willen ‘helpen’ en die geld willen wisselen. Geduldig blijven is niet zijn ‘sterkste kant’… maar ook hij slaat zich kranig door het proces. Na drie uur kunnen we onze weg vervolgen naar Nouadhibou waar we om 18.00 uur aankomen op camping Abba… en ook daar zijn we weer alleen! We besluiten nog even door het dorp te lopen om te kijken of we ergens geld kunnen wisselen… het ziet er armetierig en rommelig uit… allerlei soorten beesten lopen over straat… de mensen laten ons met rust, maar zijn ook niet overdreven vriendelijk. Niet echt een warm welkom…

Ik ben bijna klaar met de Westelijk Sahara (ook al is het wel heel mooi en heel speciaal om dagen alleen door de woestijn te rijden)… ik ben een ‘mensen-mens’! De enige mensen die we tegenkomen zijn de mannen van de controleposten die ons steeds weer om allerlei papieren, om geld en om cadeaus vragen! Geduldig en vriendelijk blijven kost erg veel energie! Maar… vandaag de laatste lange route: van Nouadhibou naar Nouakchott in 525 kilometer… dan komen we aan in de hoofdstad van Mauritanië en wil ik graag even bijkomen. We strijken neer in Auberge Sahara, nemen een kamer met een goed bed en een warme douche en kunnen draadloos internetten op het terras. Hoe graag ik ook even contact leg met Nederland (normaal bel, sms of mail ik ook zeer weinig met familie, maar nu het niet meer kan wil ik het ineens perse graag) besluit ik toch eerst een goede nachtrust te nemen. Morgen een nieuwe dag!

We bestellen eerst eens een fatsoenlijk ontbijt, doen een afwas, een grote handwas, ruimen de auto op en reorganiseren: alles van Marokko kan worden opgeborgen en alles van Mauritanië wordt voor de dag gehaald. We lezen de krant op internet, beantwoorden onze mail en werken de site bij. We maken een plan voor de komende week: ondanks het feit dat Mauritanië niet voelt als ‘een warm bad’, besluiten we toch door te reizen naar het Noorden. Maar morgen eerst nog maar eens een dagje relaxen en een kijkje nemen in Nouakchott. We moeten er in elk geval even geld wisselen…

Helemaal ‘in the winning mood’ gaan we wandelend richting het centrum van de hoofdstad. Door het zand en langs een slecht geasfalteerde route. We moeten goed opletten, want auto’s gaan elkaar ook rechts voorbij en daarbij rijden ze de voetgangers finaal ‘van de sokken’. Er is veel verkeer op de weg, langs de kant staan grote groepen mensen of de ruimte is gevuld met mobiele bouwmaterialenzaken (lees: vrachtwagens met bouwmaterialen, waar je langs kunt rijden om iets op te halen). In deze straat lopen we langs vrachtwagens vol met schelpenzand. Als we voorbijgangers of arbeiders begroeten, dan groeten ze niet terug en als mensen ons wel ‘vriendelijk’ bejegenen, dan willen ze wat van ons gedaan krijgen. Of ze willen ons geld wisselen, of ze willen ons gidsen of ze willen ons wat verkopen. Tijdens onze tocht krijgen we gezelschap van de ‘dorpsgek’ (daar hebben we een abonnement op), die al snel in de gaten heeft dat Ronald heel doelgericht op zoek is naar een bank waar hij een ATM-machine hoopt te vinden. Ik slenter daar een beetje achteraan en probeer de sfeer van de stad op te snuiven… nog steeds niet echt warm, vriendelijk of gastvrij. Na zes banken te hebben gehad, staken we onze tocht en wisselen contanten euro’s om voor Mauretaanse roepies (zo noem ik alle vreemde valuta). Als we teruglopen trekt een grote brede witte glimlach mijn aandacht. Er volgt een geanimeerd gesprek, dat lijkt te eindigen met de overhandiging van een gift (verdacht!)…
… omdat ik van zwarte mensen hou en omdat de man achter de witte glimlach gister voor het eerst vader is geworden (ook verdacht). Ik zie dat zijn vrienden zich van de conversatie distantiëren en probeer af te ronden. “Morgen is het feest rondom de geboorte van mijn zoon (toevallig) en jullie zijn van harte uitgenodigd…”. Helaas, wij kunnen niet, want wij rijden morgen om 08.00 uur richting Chinguetti…. Of we dan toch een bijdrage willen leveren aan het schaap dat hij nog moet aankopen en welke hij vervolgens wil offeren ten gunste van het geluk van zijn zoon… Maar ik wil helemaal niets meer… ik wil alleen nog maar weg uit deze ‘vervelende stad’!

14 - 18 oktober 2009 Wit zand, geel zand, oranje zand, rood zand, zwart zand…!
“Weet je zeker dat je niet verder wilt naar Senegal?… de grens is hier maar 204 km vandaan…”. Ik weet zeker dat ik Mauritanië niet wil verlaten voordat ik de binnenlanden heb gezien. Azougui, Ouadane, Chinguetti en Terjit schijnen ‘fantastisch’ te zijn! We rijden weg bij Camping Sahara en komen binnen 3 minuten aan bij het eerste tankstation dat geen diesel meer heeft. Als we daar weg rijden worden we binnen 2 minuten aangehouden door de politie. We moeten alle autopapieren tonen en kunnen niet weg voordat we een vignet hebben gekocht voor 2000 Ouguiya (5 euro). Als we bij het volgende tankstation alle brillenverkopers van ons af hebben geslagen en bij een wisselkantoor opnieuw geld hebben gehaald, vertrekken we voor een rit van 10.00 tot 16.00 uur. De samenvatting: een eenzame en saaie tocht van 426 km langs vijf controleposten in een auto van 48 graden (welke aan het einde van de dag opliep naar 60 graden).

We eindigen in het ‘spookstadje’ Azougui en melden ons bij een man in een groen uniform die ons behulpzaam is met het vinden voor een plek voor de nacht. En zo eindigen we in een prachtige, schone plaggenhut, waar we gastvrij worden ontvangen door drie vrouwen en 18 spelende kinderen. We brengen de avond gezamenlijk door… buiten op het zand… op een grote mat met kussens waar de eerste kleintjes om half 8 in slaap vallen. Als ik om half 9 mijn eigen ogen niet meer open kan houden, word ik vriendelijk verzocht te blijven voor het diner: met als voorgerecht dadels en als hoofdgerecht CousCous. De ontspannen sfeer in het plaggendorp is een goede massage voor lichaam en geest. Als wij om 7 uur in de ochtend opstaan…zijn alle kinderen en volwassen al op… Wat is het leven hier eenvoudig!

We rijden om 08.00 uur naar Ouadane, waar mama Zaida ons verwacht en ons de komende twee dagen zal ‘pamperen’. We zetten een dorpsgenoot af in Atar en doen daar wat boodschappen. Belangrijk om langs deze route voldoende drinken en eten in de auto te hebben! Zes flessen water, een tree halve liters cola, een fles cola light , een paar blikjes vruchtensap en twee broden moet voldoende zijn. En weer volgen 175 eenzame kilometers door een omgeving wat door lonely planet wordt omschreven als ‘of such natural beauty, that it can substantially change your way of thinking’…
Helaas zijn wij niet overdonderd door de schoonheid van het landschap, maar wel ‘overpowerd’ door het ‘Remy-gevoel’. En ik ben bang dat mijn ‘way of thinking over dit land’ niet meer zal veranderen: Mauritanië is en wordt absoluut niet mijn land!
Het is 40 graden in de schaduw als wij bij mama Zaida aankomen. We strijken neer in haar ‘salon’ en doen helemaal niets tot het avondeten… morgen gaan we samen met Zaida op pad!

Het is gewoon te heet, de mensen zijn te gereserveerd en de afstanden door ‘het niets’ zijn te groot… maar buiten dat is het wel prachtig hier! Vanaf Nouakchott zijn we getrakteerd op platte vlakten met wit zand, gevolgd door een serie witte zandduinen, welk landschap zich herhaald in zacht geel en oranje. Soms steekt zelfs het groene gras de kop op, hetgeen een oaseachtig beeld schept. De zwarte rotsachtige bergen brengen de harde contouren langs de geasfalteerde weg. Onze aankomst in het plaggendorp Azougui was mystiek… zo verlaten en spookachtig in een vallei met dadels en amandelen. En dan komen we in Oudane uit : een stadje dat ooit floreerde en nu als een grote groep stenen van de berg af rolt. Gehuld in het avondlicht en gelegen in een grote witte vlakte met daaromheen een oase van palmbomen is het zeker een cultureel erfgoed! En dan 80 km verderop rijden we bij Chinguetti een grote oranje-getinte zandbak in. Het karakteristiek opgetrokken stadje met een labyrint van straatjes ligt tegen een fantastische achtergrond van ontelbare zandduinen. Samen met een groep Mauretaanse jongeren zwerven we door het dorp en bezoeken wij een moskee en een prachtige bibliotheek. De eigenaar is trots op alle boeken waarin de historie van de handelsroute naar Timboektoe en de geschiedenis van de diverse karavanen die in Chinguetti zijn gepasseerd geschreven staat. Hij eindigt zijn college met het voordragen van poëzie, zowel in het Frans als in het Arabisch. Samen met de magische aantrekkingskracht van de zandduinen is dit ongetwijfeld ‘the highlight’ van onze trip naar het Oosten van dit land. We kunnen hier nog wel drie dagen blijven en dat zal ongetwijfeld onvergetelijk worden, maar wij willen terug naar Nouakchott om onze reis te vervolgen naar Senegal. We rijden terug naar Atar samen met Cyrille en zijn lokale vrienden en brengen de nacht door op het dakterras van zijn huis. Op zondag 18 oktober 2009 om 07.30 uur rijden wij in ongeveer zes uur terug naar de hoofdstad, waar we weer neerstrijken in Auberge Sahara.

19 oktober 2009 Vaak wordt het pas leuk als je bijna weg gaat…!
Op de oprit staat een rode Defender met een Engels kenteken. Ook deze twee avonturiers halen vandaag een visum bij de ambassade van Mali en kopen vast een verzekering voor hun auto die ze moeten hebben voor Senegal. Om 09.00 uur stappen we samen in een taxi en anderhalf uur later hebben we ons visumaanvraag gedaan, hebben we een extra gevarendriehoek gekocht en zit de autoverzekering voor Senegal in onze zak. De taxi-rit door Nouakchott was fantastisch! We halen onze kamer leeg, pakken de auto in en kleden ons om. Het is bijna 12 uur en dus tijd om ons visum op te halen bij de ambassade van Mali. We zijn van plan samen met de Engelsen over het 4×4 parcours richting de grens van Senegal te rijden. Als alles bijna klaar is, krijgen we de laatste informatie over onze reis. Het heeft heel erg geregend en de alternatieve route naar de grens van Senegal is niet bereikbaar. En dus moeten we toch naar die verschrikkelijke grensovergang bij Rosso…
En dus… besluiten we om vandaag in Nouakchott te blijven. Immers, de kracht in onze reis is dat we geen haast hebben en dus wil ik pas de volgende ochtend vertrekken. Als we rond 08.00 uur rijden (ipv nu om 13.00 uur), zijn we rond 10.00 uur fris en fruitig bij deze lastige grens (in plaats van 16.00 uur). Dan hebben wij (net als de douanebeambten) alle tijd van de wereld. Na de grensovergang is het nog maar 60 km tot aan de beruchte ‘Zebra-bar’: dat is goed te overzien! We halen ons visum op (dit keer correct!), wisselen nog wat geld en tanken de auto vast vol. Wij zijn klaar voor het volgende land: nog ff een middagje relaxen!

20 oktober 2009 Nouakchott – St. Louis – 278 km Een reis door en naar een Paradijs!
Eindelijk reizen we door … Met gemengde gevoelens. We zijn helemaal ‘klaar’ met Mauritanië (dus prima om weg te gaan), echter als we de verhalen over Senegal mogen geloven, komen we ook daar in een corrupt en onvriendelijk land terecht (niet echt een leuke ‘future to live in to’). We hebben overwogen om Senegal over te slaan, maar helemaal door het oosten van Mauritanië naar Mali zou ook ‘anstrengend’ zijn. Daarbij komt dat mij in september ter ore is gekomen dat mijn vriend Sjoerd de Vries ‘Heroes Legends’ gaat rijden en op zaterdag 7 november 2009 aankomt in Dakar. “Of wij daar dan toevallig in de buurt zouden zitten…”. Tja, als wij Senegal wél zouden bereizen, dan zou een ontmoeting zeker tot de mogelijkheden behoren. Voor mij een fantastische ‘future to live in to…!’

En dus heb ik veel zin in onze volgende etappe: van de hoofdstad van Mauritanië naar de grens van Senegal. Het wordt een superdag… zonder problemen rijden we Nouakchott uit, in het buitengebied treffen we lachende mensen en vriendelijke politie-agenten wensen ons nog een fijne reis. Ongeveer 50 km voor de grens bij Rosso zien we de afslag naar de piste die naar de alternatieve boardercross at Diama leidt. Omdat het pas kwart voor elf is, besluiten we dat gewoon twee uurtjes te proberen. Het is een superpiste die we met 40 km per uur over kunnen! Bijna te mooi om waar te zijn en dus vragen we een passerende vrachtwagenchauffeur of dit wel de juiste route is naar Diama… We zitten helemaal goed en de kwaliteit van de weg blijft zo… wat een geluk! Een wegomleiding brengt ons door een grappig klein dorp en het volgende dorp zien we uitgebreider omdat we de afslag missen. Gelukkig zijn de mensen hier zo vriendelijk dat ze ons ‘voor niets’ de juiste weg willen wijzen. We rijden door een delta vlak langs het water: het lijkt hier op Giethoorn. Als het flink heeft geregend of het water komt anderszins hoog te staan, is het inderdaad niet mogelijk om deze route te rijden (de weg komt onder water te staan en wordt spekglad). Als we op een grote T-splitsing rechts af slaan komen we uit op een dijk die ons langs de rivier door een groot Nationaal Park rijdt. Hier kun je wel duidelijk zien dat de weg een paar dagen ervoor niet begaanbaar was. De diepe sporen van de 4×4’s die vast hebben gezeten zijn nog steeds zichtbaar. Buiten het voorzichtig doorrijden van diepe gaten en kloven is de weg uitstekend te rijden en is de route fantastisch! We zien tientallen reigers en heel veel verschillende soorten gekleurde vogels. Als de dijk ophoudt rijden we tegen het kantoortje van het National Parc… we moeten betalen. Omdat we druk doende zijn om onze laatste Mauretaanse roepies bij elkaar te sprokkelen, vergeten we om te rekenen wat de twee guardians ons vragen. We hebben het geld precies gepast en houden nog een klein beetje geld over voor de grens. Als we weg rijden worden we tot zes keer toe bedankt… dat is verdacht (zeg ik nog tegen Ronald)! En dus rekenen we toch eens na wat we betaald hebben voor het park… precies op dat moment passeren we een bord met daarop de entree-fee… we zijn opgelicht ‘met een glimlach’…en gelukkig kunnen we er zelf ook om lachen.

Bij de grens is alles ‘appeltje-eitje’: bij de politie een exit-stempel in ons paspoort, bij de douane een exit-stempel op ons carnet… voor 10 euro en in 20 minuten staan we aan de kant van Senegal. De politie geeft een entree-stempel in ons paspoort, maar wil me niet doorlaten richting de douane tot ik 10 euro per persoon heb betaald. Hoezo 20 euro… wij zijn EU-ingezetenen en hebben geen visum nodig om in Senegal te reizen? Dat klopt… maar ik moet het geld voor de auto betalen. Hoezo voor de auto… dat ga ik straks regelen bij de douane? Maar… als ik niet betaal, kóm ik niet eens bij de douane. Ik geef de politie-agent 10 euro… immers we hebben maar 1 auto…en toch kom ik niet verder, voordat ik er nog 10 euro heb bijgelegd. Bij de douane gaat het makkelijker… Alleen wat tijdrovender om auto-papieren, rijbewijzen, paspoorten en assurantie voor de dag te toveren en alle administratie te doen. Voor 5 euro is dat klaar. De beambte loopt nog een rondje om de auto en wenst ons een goede reis. Alles bij elkaar in 40 minuten van het ene land in het andere land. Het is 2-0 voor Senegal!